Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Inspirerende externe visitatie op locatie Biddinghuizen

‘Is het reëel om alles afgedekt te hebben?’, ‘heb vertrouwen in jezelf’, maar ook ‘je moet kunnen blijven besturen en daarin een plek creëren voor medezeggenschap’. Na een inspirerende externe visitatie op de locatie Biddinghuizen zijn dit zeker opmerkingen die zijn blijven hangen bij Minke Breukink en Dieke van Deventer. Zij fungeren namens Oranjeborg als gesprekspartners tijdens een middag, waarin leren, reflecteren en de externe dialoog centraal staan.
‘Heb vertrouwen in jezelf’

‘Is het reëel om alles afgedekt te hebben?’, ‘heb vertrouwen in jezelf’, maar ook ‘je moet kunnen blijven besturen en daarin een plek creëren voor medezeggenschap’. Na een inspirerende externe visitatie op de locatie Biddinghuizen zijn dit zeker opmerkingen die zijn blijven hangen bij Minke Breukink en Dieke van Deventer. Zij fungeren namens Oranjeborg als gesprekspartners tijdens een middag, waarin leren, reflecteren en de externe dialoog centraal staan.
Het idee is vorig jaar ontstaan en verder uitgebouwd op de relatiedag tijdens de Week van Oranjeborg: een externe visitatie in de vorm van een lerend en collegiaal reflectiemoment. Het is de aanloop naar een bredere externe visitatie later dit jaar. De pilot-visitatie richt zich op twee thema’s die momenteel centraal staan: (on)vrijwillige zorg en medezeggenschap van bewoners. Het doel is niet te toetsen of te beoordelen, maar om samen te reflecteren op de samenhang tussen beleid en praktijk, de gemaakte afwegingen en de kansen om leren en ontwikkelen verder te versterken.
In de vergaderruimte van de locatie in Biddinghuizen melden zich op donderdag 9 april keurig op de afgesproken tijd medewerkers van Zorggroep ’t Achterhuus, Kwintes, Ambiq en Albero. Aan tafel zit een select gezelschap: een bestuurder, een kwaliteitsadviseur, drie cliëntregisseurs en een gedragswetenschapper. Ook jurist Lars Hoksbergen en huisarts Sebastiaan Dam uit Meppel – laatstgenoemde is betrokken bij de medische zorg voor de bewoners van de locaties de Wijk en Havelte – hebben de reis naar de polder gemaakt. Het is de perfecte setting voor de aftrap van de pilot-visitatie, waarin Dieke na een korte voorstelrondje uitleg geeft over Oranjeborg.
Het eerste agendapunt waarover wordt gediscussieerd is de Wet zorg en dwang (Wzd). Deze is bedoeld om de vrijheid en rechten van mensen met een verstandelijke beperking zo goed mogelijk te beschermen. Bij Oranjeborg staat vrijwillige zorg centraal: bewoners krijgen ondersteuning waar ze zelf mee instemmen en waarover samen afspraken worden gemaakt. Minke merkt op dat geen planbespreking wordt gedaan zonder het aan de bewoners uit te leggen, ‘waarbij het voor hen ingewikkeld is om hun rechten en plichten te begrijpen.’ Het is herkenbaar voor de gasten aan tafel, omdat bewoners de consequenties niet kunnen overzien. ‘Structuur bieden houdt bepaalde beperkingen in’, wordt opgemerkt. Minke: ‘Bewoners hebben het recht om fouten te maken, wij moeten constant dingen tegen elkaar afwegen.’
Dieke vertelt dat het bij Oranjeborg gebruikelijk was om de pinpassen en ID-bewijzen in te nemen en te bewaren op kantoor. Na een bezoek van de Inspectie wordt daar inmiddels van afgeweken. De vraag die nu aan de bewoners wordt gesteld is: ‘wil je de pinpas in eigen beheer?’ Het is het bewijs dat in een lerende organisatie zaken anders georganiseerd kunnen worden. Dieke: ‘We zitten in een proces, ik denk dat we er nog niet zijn.’ De algemene opinie is dat het belangrijk is om goed uit te leggen waarom dingen gedaan worden, waarbij steeds de vraag gesteld moet worden: wat is de invloed op de bewoner? ‘Het zorgt voor bewustwording.’
Oranjeborg wil de Wzd niet als ‘extra verplichting’, maar als onderdeel van goede zorg positioneren, waarbij gezocht moet worden naar de juiste balans tussen bescherming en autonomie. De vraag die de komende maanden ongetwijfeld verder zal worden uitgewerkt is: waar ligt de verantwoordelijkheid van Oranjeborg in het beschermen tegen risicovolle keuzes? In een visiestuk over de identiteit van Oranjeborg zal zeker aandacht worden besteed aan het zero-tolerancebeleid van de zorginstelling ten opzichte van alcohol en drugs. Hoewel de Inspectie van mening is dat per individu daarin een afweging kan worden gemaakt en een alcoholverbod schuurt tegen het onvrijwillige kader, houdt Oranjeborg vast aan de specifieke regels in het plaatsingsbeleid.
Dan is het tijd om de gasten een rondleiding te geven over het terrein. ‘Echt bizar wat jullie in huis hebben’, is een van de opmerkingen die wordt gemaakt. Dieke bewijst dat ze naast haar rol als orthopedagoog en kwaliteitsmedewerker ook uitstekend uit de voeten kan als gids. Goed ingevoerd, gepassioneerd vertellend en zichtbaar trots op de organisatie waarvoor ze werkt. ‘Dit is indrukwekkend groot’ en ‘hier straalt rust vanuit’ zijn de reacties van de bezoekers, die allemaal onder de indruk zijn. Dat ze ook een kijkje mogen nemen in de kamer van Jones, de ‘koffiemanager’ van de locatie, maakt de rondleiding extra leuk. De verleiding om op deze zonnige dag lekker buiten te blijven is groot, maar de agenda vermeldt nog een tweede belangrijk punt: een toelichting op de Wet medezeggenschap cliëntenraden zorginstellingen (Wmcz). Deze wet regelt dat cliënten en hun vertegenwoordigers invloed hebben op het beleid en de organisatie van zorginstellingen.
Sebastiaan Dam constateert dat Oranjeborg op een kruispunt staat wat betreft inspraak en informeren. Het is een afweging tussen goed bestuur enerzijds en de vraag wanneer iets de bewoner raakt. Bij de zorginstelling is vorig jaar een centrale bewonersraad in het leven geroepen, die functioneert naast de lokale bewonersraden. Het orgaan is opgericht om de belangen van de bewoners van de zorginstelling te behartigen. De leden denken mee en praten over onderwerpen die van belang zijn in het leven van de bewoners van Oranjeborg. Dieke is als secretaris aan de centrale bewonersraad verbonden. Zij heeft geen stemrecht.
Punten die worden aangedragen tijdens de discussie over het onderwerp zullen ongetwijfeld worden meegenomen door Minke en Dieke in de evaluatie. Een bewonersraad, zo wordt opgemerkt, is niet per se nodig. Het kan vormvrij. ‘Als de bewoners maar instemming hebben op het eindproduct.’ De zoektocht naar de juiste formule, bijvoorbeeld bij het bespreken van de begroting, zal daarom nog wel even duren. Genoemde alternatieven zijn ‘huiskameroverleggen’ en ‘een inloopspreekuur’. ‘Je moet kunnen besturen en niet worden lamgelegd’, valt te beluisteren. Maar ook: ‘Je legt iets bij de bewoners neer wat niet bij ze past. In hoeverre willen ze dit echt?’ Voor Oranjeborg is onder meer de vraag belangrijk welke randvoorwaarden nodig zijn om bewonersraden, passend bij de doelgroep van de zorginstelling, echte invloed te laten ervaren? En hoe zorgt Oranjeborg ervoor dat de medezeggenschap niet alleen formeel goed is ingericht, maar ook daadwerkelijk betekenisvol is voor de bewoners?
Tot slot worden de gasten in de gelegenheid gesteld om een halfuurtje te roddelen, waarbij Minke en Dieke de vergaderruimte verlaten. Tijdens de terugkoppeling blijkt eigenlijk dat hun afwezigheid niet echt nodig was, want er is vooral waardering voor de wijze waarop Oranjeborg in het zorglandschap opereert. De gasten constateren dat de organisatie ‘strak’ is en ook ‘een tikje rebels’. Adviezen die de dames horen: ‘Je moet niet te bang zijn’ en ‘heb vertrouwen in jezelf’. Groter worden betekent dat ook de wetgeving strakker wordt en dan is de terugkerende vraag hoe de organisatie daarop moet worden ingericht. Een thema dat centraal staat: ‘Waar heeft de bewoner baat bij?’ Met de conclusie dat ‘alles uitvoerbaar moet blijven en de bewoner niet moet worden overvraagd’ komt een einde aan een waardevolle middag. Wordt ongetwijfeld vervolgd.

Geschreven door: Flip Vellinga



Geplaatst: 29-04-2026